Hans van Maanen

Encyclopedie van misvattingen

Wetenschap

Astronomen tellen in lichtjaren

Hoe helderder de ster, hoe groter de magnitude

Vallende sterren zijn sterren

Vanuit een diepe put zie je overdag sterren

In de zomer staat de zon dichterbij

De zon komt in het oosten op

De lente begint op 21 maart

Elke vier jaar is er een schrikkeljaar

Het maakt niet uit of de zon stilstaat of de aarde

De maan draait om de aarde

Vanaf de maan zie je de aarde opkomen

De kern van de aarde is vloeibaar

De wet van Buys Ballot zegt dat winden op het noordelijk halfrond een afwijking naar rechts krijgen

Badwater wervelt linksom naar de afvoer

Men zegt 'Beaufort' op z'n Frans

Men zegt 'Richter' op z'n Duits

Snelheden op zee meet men in knopen per uur

Een paard levert 1 pk

Een mud is een eenheid van gewicht

Glas is eigenlijk een vloeistof

Stoom is wit

Koud water bevriest eerder dan warm water

Aardgas stinkt

Aan zee ruik je de ozon

Bij onweer ruik je de ozon

Bliksem gaat van boven naar beneden

Een luchtzak is luchtledig

Met een barometer kun je het weer voorspellen

De kompasnaald wijst naar het noorden
Wie in Nederland met een kompas het noorden zoekt en in die richting zijn weg vervolgt, heeft weinig kans op de noordpool uit te komen.
Dat er een verschil is tussen magnetische noordpool en geografische noordpool, weet natuurlijk iedereen. En ook dat de magnetische noordpool natuurkundig gezien een magnetische zuidpool is (de noordpool van het kompas wijst ernaar, en gelijknamige polen stoten elkaar af).
Belangrijker is dat de naald niet naar het noorden wijst, maar zich richt langs de krachtlijnen van het magnetisch veld van de aarde. Die krachtlijnen lopen niet als meridianen netjes noord-zuid, maar hebben allerlei afwijkingen. Deskundigen spreken van 'declinatie'. In Nederland bedroeg die in 2016 ongeveer een graad.
De magnetische polen zwerven bovendien enkele tientallen kilometers per jaar, en ruwweg eens in de 250 000 jaar klapt het magneetveld van de aarde om, waardoor de noordpool zuid wordt en de zuidpool noord. De laatste `ompoling' was overigens alweer 780 000 jaar geleden, waarom we nu zo lang moeten wachten, weet niemand.

Mensen hebben een magnetisch zintuig

Elektriciteit gaat van plus naar min

Een deeltjesversneller versnelt deeltjes

Een telelens verkort het perspectief

Laurens Janszoon Coster vond de boekdrukkunst uit
Die opvatting wordt waarschijnlijk alleen nog gehuldigd in enkele achtergebleven gebiedsdelen van Haarlem, de woonplaats van Coster (1405--1484). In de meeste boekwerken over de geschiedenis van de boekdrukkunst komt Costers naam niet eens meer voor. Geen enkel boek uit de vroegste periode van de boekdrukkunst kan aan Coster worden toegeschreven, terwijl zeker is dat de oudste typografische producten uit Mainz stammen (L. Hellinga-Querido en C. de Wolf: Laurens Janszoon Coster was zijn naam, Haarlem 1988).
De 'Coster-legende' werd voor het eerst uitgebreid verteld door Hadrianus Junius in zijn grote geschiedwerk Batavia (voltooid in 1570, gedrukt in 1588). Coster sneed, schrijft Junius, '128 jaar geleden' staafjes met letters uit beukenschors als stempeltjes voor de kinderen van zijn dochter. Hij was vasthoudend en inventief, en ontwikkelde vervolgens goede drukinkt, loden en later tinnen letters en boekblokken. Maar zijn complete uitrusting en de lettervoorraad werden op kerstnacht door een knecht, vermoedelijk 'een zekere Johannes met de omineuze achternaam Faust', gestolen en naar Mainz gebracht. Die drukte daar, aldus nog steeds Hadrianus Junius, in 1442 zijn eerste boeken en 'genoot van de rijke oogst van zijn dievenwerk'.
Het moeten snelle werkers zijn geweest, als dit zich allemaal binnen een jaar heeft afgespeeld. Bovendien, in 1442 was Coster zevenendertig jaar, wel wat jong voor lezende kleinkinderen.

Gutenberg vond de boekdrukkunst uit

Galilei vond de telescoop uit

Galilei liet kogels van de toren van Pisa vallen

Galilei zei na zijn veroordeling: 'Eppur si muove.'

Newton kwam op zijn natuurwetten doordat een appel op zijn hoofd viel

Fahrenheit ijkte zijn thermometer met een mengsel van salmiak en sneeuw

Celsius legde het vriespunt bij nul graden

James Watt vond de stoommachine uit

Edison vond de gloeilamp uit

Bertillon bedacht het systeem van de vingerafdrukken

Felix Hoffmann ontwikkelde aspirine voor zijn vader
Dat de wilgenboom pijnstillend kan werken, wist men ongetwijfeld al in de prehistorie. Zodra mensen konden schrijven, meldden ze dat een extract van wilgenbast of wilgenbladeren uitstekend helpt tegen reuma.
In 1828 slaagde de Duitse chemicus Johann Buchner erin de werkzame stof uit de wilgenbast te isoleren, die hij 'salicine' noemde: salix is Latijn voor wilg. Dertig jaar later kon Hermann Kolbe salicylzuur in het laboratorium maken, zodat het in productie kon worden genomen. De faam van salicylzuur als koorts- en pijnstillend middel verspreidde zich snel, maar door de vieze smaak en ernstige bijwerkingen --- vooral mond-, maag- en darmpijn --- bleef het middel voor veel patiënten onverdraaglijk.
De chemicus Felix Hoffmann, van de firma Bayer, wist deze nadelen echter voor een belangrijk deel weg te nemen toen hij erin slaagde aan het salicylzuur een acetylgroep te plakken, een bekende truc die eerder met succes bij andere medicijnen was toegepast en ook al met salicylzuur was geprobeerd. Hoffmann kon echter bewijzen dat hij werkelijk zuiver acetylsalicylzuur had gemaakt, en kreeg in de VS octrooi op de bereidingswijze. In 1899 zette de firma het middel met een ongekend offensief op de markt.
De anekdote dat Hoffmann op zoek was naar een middel om de pijnen van zijn arme reumatische vader te verlichten, is pas veel later, in een voetnoot in een boek over de chemische industrie, erbij gehaald als mooi voorbeeld van een toevallige vondst (A. Schmidt: Die industrielle Chemie in ihrer Bedeutung im Weltbild und Erinnerungen an ihren Aufbau, Berlijn 1934). Schmidt voert Hoffmann wel als bron op, maar die heeft het zelf nooit verteld of bevestigd.%Ieder kan er het zijne van denken.
Met enige regelmaat duikt ook een ander verhaal op, dat niet Hoffmann maar zijn chef Arthur Eichengrün de eigenlijke ontdekker was (W. Sneader: BMJ, dl. 321 (2000), p. 1591). Eichengrün claimde dat namelijk zelf in 1944 in een brief aan Bayer, met wat wijzigingen gepubliceerd in Die Pharmazie, jg. 4 (1949), p. 582. Hoffmann, zei Eichengrün, voerde slechts uit wat zijn baas hem opdroeg zonder precies te begrijpen wat hij deed, en het was Eichengrün die de verbinding bij de directie verdedigde.
Maar Eichengrün protesteerde niet toen Hoffmann zijn Amerikaanse octrooi aanvroeg, en ook twintig jaar later, in een boek bij het vijftigjarig jubileum van Bayer in 1918, gaf hij Hoffmann alle eer --- terwijl hij over zijn eigen vindingen toch flink uitweidt.
Eichengrün verzamelde met die eerdere vindingen, dankzij zijn tantičmeregeling, een flink vermogen. Vanaf 1933 werd hij door het nazibewind steeds verder in het nauw gedreven. Waarschijnlijk onderschatte hij het groeiende gevaar (hij was apolitiek, beriep zich op zijn evidente verdiensten en onmisbaarheid voor de staat, en was bovenbuurman van Göring), en hoewel hij in 1941 nog respijt had gekregen, werd hij in mei 1944 veroordeeld en gedeporteerd naar Theresienstadt. Na de bevrijding door het Rode Leger ging hij terug naar Berlijn waar hij in 1949 overleed (E. Vaupel: Angewandte Chemie, dl. 117 (2005), p. 3408).
Het latere relaas van Eichengrün, geschreven in Theresienstadt, is vooral een bittere afrekening met zijn voormalige collega Heinrich Dreser, hoofd van de farmacologische afdeling. Die zag aanvankelijk niets in het acetylsalicylzuur en wilde het niet verder onderzoeken. Als Eichengrün niets had ondernomen, zegt hij in zijn brief, zou aspirine zeker een stille dood zijn gestorven, maar hij geloofde er heilig in en besloot het op eigen houtje te laten testen. Toen dat tot verbazingwekkende resultaten leidde, moest Dreser van de directie het preparaat opnieuw bekijken en keurde hij het alsnog goed. Eichengrün beschouwde zichzelf, zo niet als scheikundige vader, dan toch als geestelijk vader van aspirine.
Des te onverteerbaarder vond hij het dat Dreser, dankzij een gunstiger tantičmeregeling, een fortuin aan aspirine verdiende en hijzelf niets. Hij besluit zijn brief uit het concentratiekamp met: 'Zo sta ik als uitvinder van het grootste medicijn van tegenwoordig volstrekt met lege handen.' In het artikel in Die Pharmazie maakt hij ervan 'dat zowel Felix Hoffmann als ik na het scheppen van het wijdst verbreide medicijn van tegenwoordig met lege handen staan'.
Bayer houdt het onverkort op Hoffmann. Die overleed, na een levenslang dienstverband bij Bayer, teruggetrokken en kinderloos in 1946.

Einstein kon op school niet meekomen

Henry Ford bedacht het principe van de massaproductie

De gebroeders Wright vlogen in de 'Kitty Hawk'

Lindbergh vloog als eerste over de oceaan

Teflon danken we aan de ruimtevaart

De zwarte doos werd bedacht door Black
Na een vliegtuigramp is er altijd wel een briefschrijver die de krant het saillante detail weet te melden dat de zwarte doos uit het vliegtuig, de 'black box', genoemd is naar de uitvinder, Black.
Nadere bronvermelding ontbreekt altijd --- geen wonder: het slaat nergens op. Geen enkel boek over de geschiedenis van de luchtvaart meldt iets over Black. Ook de Oxford English dictionary kent geen Black: die beschouwt black box als 'oorspronkelijk een luchtmachtwoord voor een navigatie-instrument in een vliegtuig, later uitgebreid om elk automatisch apparaat met een ingewikkelde functie aan te duiden'.
De zwarte doos werd in 1953 bedacht door de Australiër David Warren. De essentie van zijn idee was niet om vluchtgegevens vast te leggen --- die werden al veel langer geregistreerd --- maar om daarnaast ook gesprekken en andere geluiden in de cockpit op te nemen. De zwarte doos is meestal niet in de cockpit gemonteerd, maar in de staart om de kans op beschadiging bij een ramp te verkleinen. En hij is niet zwart, maar oranje om de kans op opsporing na een ramp te vergroten.

Pavlov luidde een bel en zijn honden kwijlden

Karl Marx schreef: 'Godsdienst is opium voor het volk.'

Wouter Buikhuisen werd uit de wetenschap verdreven

Gevangenisstraf voorkomt misdrijven

De doodstraf voorkomt misdrijven

Agressie moet je uiten

Aandacht doet arbeiders harder werken

Een echtpaar is gelukkiger met kinderen

Rouw gaat in vijf vaste fasen

Verkrachting kan alleen met medewerking van de vrouw

Verkrachting gebeurt vooral door onbekenden in de bosjes

Legalisering van prostitutie helpt verkrachtingen voorkomen

Pornografie zet aan tot verkrachtingen