Hans van Maanen

Encyclopedie van misvattingen

Taal

De oudste Nederlandse zin is 'Hebban olla uogala'

De Woordenlijst geeft de wettelijk verplichte spelling
Nederlanders mogen spellen zoals ze zelf willen. In de Spellingwet van 15 september 2005 is de officiŽle spelling --- dat is de schrijfwijze zoals de Nederlandse Taalunie die bepaalt --- alleen verplicht gesteld bij overheidsorganen, bij openbare scholen en bij examens.
De schrijfwijze van de Nederlandse Taalunie is vastgelegd in de Woordenlijst Nederlandse taal van 2005, beter bekend als Het groene boekje: daarin moeten een Leidraad plus een lijst van meer dan honderdduizend trefwoorden uitsluitsel geven over de correcte spelling van het Nederlands. In de herziene uitgave van 2015 werden veel woorden geschrapt en toegevoegd, maar de spellingregels zijn niet veranderd.
De spelling van 2005 moest mede de onvrede bestrijden die onder taalgebruikers was ontstaan door de spellingswijzigingen van tien jaar eerder, maar leidde veeleer tot meer onvrede. Hoewel er in feite slechts een enkele spellingregel was veranderd (de tussen-n in samenstellingen van een dierennaam en een plantennaam kwam terug: 'paardenbloem', 'kattenkruid'), werd de Taalunie bedilzucht, arrogantie en inconsequentie verweten. Het leidde tot een tegenbeweging waarin kranten, tijdschriften en andere media samen met het Genootschap Onze Taal een 'begrijpelijker en flexibeler alternatief' ontwierpen, Het witte boekje (Utrecht 2006) --- eveneens in 2015 herzien en herdoopt tot Spellingwijzer. Hierin zijn bijvoorbeeld de regels voor de tussen-n juist opgegeven: 'pannenkoek' en 'pannekoek' mag beide.
Onduidelijk blijft inmiddels de wettelijke status van woorden waarvan de Taalunie de spelling in de Woordenlijst heeft gewijzigd --- tussen de uitgaven van 2005 en 2015 publiceerde de Taalunie zonder veel ruchtbaarheid een stuk of acht lijsten met verbeteringen. Zo werd 'acoeti' veranderd in 'agoeti', 'uitzichtsloos' werd 'uitzichtloos', 'big bangtheorie' werd 'bigbangtheorie' en de afbreking 'Fran-krijk' werd, na enige hilariteit in de pers, toch weer 'Frank-rijk'.
Overigens, in het nieuwe Het groene boekje, uitgegeven met Van Dale, staat ook nog genoeg gekkigheid --- 'petechie petechieŽn','napluizen pluisde na', 'colon colons colonnetje', 'cara (mv)', 'cadmium cadmiums'...

Vroeger zei men: 'Aan den heer'

Een creool is een halfbloed

Duitsers zeggen: 'im Frage'

'Chaperonne' is Frans

'A gogo' is een Engelse uitdrukking

Bij lemon sole hoort citroen
Het Engelse 'lemon' betekent wel 'citroen', maar in dit geval gaat het waarschijnlijk om een verbastering van het Franse 'limande', 'schar'. En het Engelse 'sole' betekent wel 'tong', maar de lemon sole (Microstomus kitt) is geen tong.

Stilton komt uit Stilton

Cayennepeper is naar Cayenne genoemd

'Natura artis magistra' betekent 'de natuur is de leermeesteres van de kunst'

In het oude Engeland zei men 'ye' in plaats van 'the'

Amerikaans is verloederd Engels

Eskimo's hebben twintig woorden voor sneeuw

'Eskimo' betekent 'rauwvleeseter'

'Roodhuid' was een scheldwoord voor 'indiaan'

'Kangoeroe' betekent 'Ik begrijp u niet'

'Groter als' mag niet

Denk ook aan 'hen' en 'hun'

De taal verloedert

Oisterwijk zeg je zoals je het schrijft

Een snob is niet van adel
Een merkwaardige traditie wil dat het woord 'snob' een afkorting is van het Latijnse sine nobilitate, 'zonder adel'. Studenten in Oxford en Cambridge zouden de afkorting achter hun naam in de registers krijgen als ze geen adellijke titel voerden.
De Oxford English dictionary meldt deze afleiding niet. De herkomst van het woord is onbekend, en de eerste betekenis, gebruikt in 1781, was 'schoenmaker'. Eind achttiende eeuw duidden studenten van Cambridge er niet-studerenden, mensen van lager allooi mee aan. Vandaar werd het iemand zonder pretenties, en later iemand met pretenties.
De term, met de huidige betekenis, werd beroemd door William Thackerays The book of snobs uit 1848. Julius van Deventer vertaalde het in 1870 als Het ploertenboek: 'ploert' was de term die Nederlandse studenten destijds hanteerden voor mindere lieden --- zij huurden een kamer van de huisploert, haalden hun tabak bij de sigarenploert en hun wijn bij de wijnploert.

De tram is naar Benjamin Outram genoemd

Het woord 'zondvloed' verwijst naar de zonden onzer vaderen
In het Middelhoogduits was het sint-vluot, waarin sin- stond voor 'algeheel'. Luther gebruikt in zijn bijbel van 1534 nog sindflut. Toen het voorvoegsel in onbruik raakte, werd het woord opgevat als sŁndflut. Zo staat het ook al in andere Duitse bijbels uit de zestiende eeuw.
Het Nederlands heeft het Duitse woord overgenomen; de Statenbijbel van 1637 gebruikt 'sundtvloet'. Dat ook Nederlandse taalgebruikers de overgang van 'sunt-' naar 'sond-' maakten, is echter onwaarschijnlijk. Het verband met de zonde werd gelegd door Cornelis Kiliaan, in zijn Etymologicum teutonicae linguae uit 1599: 'Sond-vloed: Diluvium, cataclysmus, inundatio universalis peccati causa'. Dat werd overgenomen door andere woordenboekmakers, waarna ten slotte ook het volk van 'zondvloed' ging spreken. 'Eerder dan van volksetymologie lijkt er sprake van 'lexicografenetymologie',' aldus het Woordenboek der Nederlandsche Taal.